Art. 9 lid 4: Geheimhoudingsplicht 

Status: t/m Ie Kamer verwerkt

 

Wettekst
4. De verwerking van persoonsgegevens blijft achterwege voor zover een geheimhoudingsplicht uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift daaraan in de weg staat.

Geheimhoudingsplicht.
Het vierde lid bevat een nadere precisering van de norm van de artikelen 8 en 9 [...]. Bepaald is dat de verwerking van persoonsgegevens achterwege blijft voor zover een geheimhoudingsplicht uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift daaraan in de weg staat. Met deze bepaling wordt buiten twijfel gesteld dat een ambts- of beroepsgeheim dan wel een wettelijke verplichting tot geheimhouding niet kan worden terzijde geschoven door het bepaalde in artikel 8. Indien het gaat om een omgeving waar de beveiliging van gegevens niet verzekerd kan worden, zouden ook de vastlegging en bewaring daaronder kunnen vallen.

Geen geheimhouding bij onderzoek College Bescherming Persoonsgegevens
De bepaling dient in samenhang te worden bezien met artikel 61, vijfde lid. Op een geheimhoudingsverplichting kan geen beroep worden gedaan indien de Registratiekamer inlichtingen verlangt in verband met de betrokkenheid bij de verwerking van persoonsgegevens van degene op wie de geheimhoudingsverplichting rust. (II, nr. 3, blz. 94-95)

Voorbeeld
Zo zal een ambtenaar, die immers onderworpen is aan zijn ambtelijke geheimhoudingsplicht, niet persoonsgegevens voor verenigbare doelen kunnen verwerken tenzij zijn taakuitvoering of een wet hem daartoe verplicht( b.v. Wet openbaarheid van bestuur beschrijft de uitzonderingen op de ambtelijke geheimhoudingsplicht). (MvA, I, nr. 92c, blz. 4).


 

BEGRIPPEN NR Verdere verwerking - verenigbaar (art. 9, lid 1)
Verenigbaar - wetenschappelijk onderzoek en statistiek (art. 9 lid 3)
Bevoegdheden CBP - onderzoek (art. 61 lid 5)
GBA (ARTIKEL:)  
WPR Art. 11 lid 3
RICHTLIJN  
WPOLR (ARTIKEL:)  
OVERIGE WETTEN  
UITSPRAKEN

Wpr :
Geheimhoudingsplicht houder Het verstrekken van gegevens aan derden op grond van de artikelen 11, 14 en 18, van de WPR zal achterwege moeten blijven voor zover uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift geheimhouding geboden is (16 november 1993, 92.C.112). Het medisch beroepsgeheim, een geheimhoudingsplicht als bedoeld in artikel 11, lid 3, beschermt de vertrouwelijkheid van de arts-patiënten relatie. De van het beroepsgeheim deel uitmakende zwijgplicht kent een individueel belang en een algemeen belang. Deze zwijgplicht strekt zich uit tot al wat de hulpverlener bij de uitoefening van zijn beroep als geheim is toevertrouwd of wat hem ter kennis is gekomen en waarvan hij het vertrouwelijk karakter moet begrijpen (12 september 1994, 94.E.152; 16 april 1996, 96.V.0120).

Wbp:
Medisch adviseur van de schadeverzekeraar en van de rechtsbijstandverzekeraar worden in het kader van de afhandeling van een zelfde schade beschouwd als "functionele eenheid" in de zin van de gedragsregels van de KNMG
Impliciete toestemming van de betrokkene/verzekerde kan worden verondersteld bij overdracht van medische gegevens inzake de afhandeling van een zelfde letselschade door de medisch adviseur van de autoschadeverzekeraar aan de medisch adviseur van de rechtsbijstandverzekeraar. De medisch adviseurs worden beschouwd als "functionele eenheid", de groepering van personen die als team op directe of gelijkgerichte wijze betrokken is bij het doel waarvoor medische gegevens worden gevraagd cq. verstrekt. Toestemming van de betrokkenen kan dan, tenzij er bezwaar is gemaakt, worden verondersteld. Het medisch beroepsgeheim is niet absoluut.
(z2001-0075)

Bedrijfsartsen zullen keer op keer de afweging moeten maken tussen het recht van de werknemer om zijn gezondheidsgegevens geheim te houden en het recht van de werkgever op een eerlijk proces, rekening houdend met de algemene geheimhoudingsplicht.
Hierin is bepaald dat de verwerking van persoonsgegevens achterwege blijft voor zover een geheimhoudingsplicht uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift daaraan in de weg staat. Dit betekent dat een ambts- of beroepsgeheim niet terzijde kan worden geschoven. (...) Dit leidt ertoe dat een bedrijfsarts zich terughoudend moet opstellen bij het verstrekken van de gezondheidsgegevens van de werknemer aan de UVI in het kader van een verzoek van de werkgever tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst.
(z2000-1104)

CBP standpunt ten aanzien van medisch beroepsgeheim ex. art. 7: 457 BW
Het CBP heeft een standpunt gegeven ten aanzien van de vraag of een informatieoverdracht tussen huisartsenpost en crisisdienst mogelijk is ten aanzien van patiënten met een crisisindicatie. Doorbreking van het medisch beroepsgeheim is in een aantal gevallen mogelijk. Onder andere is het mogelijk wanneer een patiënt toestemming heeft gegeven. In sommige situaties kan, indien er van uitgegaan kan worden dat het verstrekken van gegevens zozeer in het belang van de patiënt is dat diens toestemming mag worden verondersteld. Hierbij kan het gaan om de situatie waarbij de huisartsenpost wordt geconfronteerd met een crisisgeïndiceerde patiënt:
-die (tijdelijk) niet 'in beeld' is bij GGz-instellingen en/of de (eigen) huisarts;
-van wie de eigen huisarts bekend is met crisisindicatie, maar waar de crisissituatie zich voordoet tijdens de ANW-dienst.

Voor zover hier geen sprake is van een behandelingsovereenkomst, acht het CBP het redelijk dat in deze situaties uitgegaan wordt van de veronderstelde toestemming van de patiënt. Het blijft echter van belang de betreffende patiënten in het algemeen, daar waar mogelijk ook in de concrete situatie, over de registratie en het doel daarvan te informeren. De patiënt behoudt het recht om tegen het verstrekken van deze informatie aan de huisartsenpost bezwaar te maken.
(z2003-1597)

Verstrekking medische gegevens door UWV aan verzekeraar
-
Verstrekking van medische gegevens door het UWV aan de verzekeraar -in het kader van de WIA- is uitsluitend mogelijk met toestemming van de werknemer. Gelet op de plicht tot re-integratie en de gezagsrelatie in de arbeidsrelatie zal van vrije wil in dezen geen sprake kunnen zijn.
-Artikel 54, lid 9, wet Suwi, dat de gegevensuitwisseling van re-integratiebedrijven met het UWV regelt, lijkt niet voldoende specifiek te zijn om het medisch beroepsgeheim te doorbreken. Voor de gegevensuitwisseling is daarom de toestemming nodig van de betrokkene, die niet in vrijheid gegeven kan zijn, zodat geen geldige grondslag voor de gegevensuitwisseling zal bestaan.
-Verzekeraars beschikken over veel gegevens (omdat ze naast ziektekostenverzekeraar ook schade-, levens- en pensioenverzekeraars kunnen zijn, financiële dienstverlening binnen het bankwezen leveren en daarnaast ook nog vaak beschikken over eigen arbodiensten en re-integratiebedrijven). Zonder doelbindingsbepaling kan onduidelijkheid bestaan over de mogelijkheden van verder gebruik van de diverse gegevens.
(13 september 2005, z2004-00417 / z2004-01681)

Rechtelijke macht:

 

Knelpuntenoverleg:

Rechtelijke macht:

Voorwaardelijk ontslag bestuurder stichting SRK Rechtsbijstand wegens beleid gegevensverstrekking aan derden
Voorwaardelijk ontslag van de bestuurder van de Stichting SRK Rechtsbijstand wegens bestaand beleid inzake het verstrekken van gegevens aan derden, met name assurantietussenpersonen. Beleid is in strijd met fundamentele wettelijke bepalingen en met het statutair hoofddoel van rechtshulpverlener SRK.
(Rechtbank ’s Gravenhage 4 december 2008, LJN: BG9270)

PUBLICATIES  
OVERIGE VOORBEELDEN